Roll with the punches

Plus minus tien jaar geleden zat ik voor het eerst tegenover een neuroloog. Waarom? Omdat de helft van mijn gezicht het niet meer deed en ik was honds-en-honds moe. Toen dacht ik nog dat het iets met mijn verstandskies te maken had aangezien mijn tandarts dit gezegd had. Na een bezoekje aan de tandarts bleek dit niet het geval, ook de kaakchirurg bevestigde dit de volgende dag. Vanwege perfecte argumentatie van mijn kunstmoeder zat ik diezelfde dag nog bij de neuroloog. De volgende dag lag ik onder de MRI en de eerstvolgende werkdag kreeg ik de diagnose: Multiple Sclerose (MS). Binnen vier dagen lag mijn wereld op de kop. Ik was 16 jaar oud en net een jaar bezig met mijn verpleegkundige opleiding. Ik hoorde de diagnose aan als in een waas, stil huilend. Mijn moeder zat naast me want mijn vader was aan het werk. Alles wat de neuroloog verder vertelde kwam zeer vertraagd binnen. Hij vertelde me dat ik opgenomen moet worden. Dat er een lumbaalpunctie gedaan moet worden als extra bevestiging en dat ook een methyl prednison kuur noodzakelijk is. Ik dacht toen alleen maar ‘ik heb geen nette goede ziekenhuis pyjama’s…’ die moet ik nog halen voor als ik morgen opgenomen wordt. De tennisafspraak die ik met mijn zusje had staan later die dag ging ook niet door. De terugrit naar huis (duurt in het echt maar een half uurtje) voelde aan alsof we naar Oostenrijk reden en weer terug. Ellendig lang, naar buiten kijkend hopend dat mijn moeder me tranen niet ziet.

Ironisch was het die dag perfect zonnig zomer week. Uniek voor Nederlandse begrippen. Bij terugkomst was er een lange gezinsgroepsknuffel zeggend dat we er wel uit komen. Daarna weet ik nog dat ik lang buiten heb gezeten, juist vanwege het goede weer. Niet wetend wat te denken, hoe ik me zou moeten voelen enzovoort. Maar er was ook een ander soort gevoel aangewakkerd, diep van binnen. Dat gevoel ging ‘aan’ het moment dat de neuroloog me vertelde dat ik MS heb. Een opstandig gevoel van ‘maar dit gaat me niet klein krijgen’; ik wil mijn opleiding nog halen, een baan vinden, een leuke vriend zoeken en een normaal leven hebben. Achteraf gezien was dit misschien wel een soort ‘ontkenningsfase’ reactie maar om eerlijk te zijn is dit gevoel nooit meer weg gegaan.

Dat opstandige gevoel dat 30 juli 2007 omstreeks 09.50 uur aanging is nooit meer weg gegaan. Al schrijvend kan ik het nu even niet droog houden. Want er is heel veel gebeurd in die tien jaar. Vooral de eerste drie jaren waren erg moeilijk. Regelmatig is toen dat ‘opstandige gevoel’ gedoofd. Alle ziekenhuisopnames, revalidatiecentra en waslijsten aan medicijnen. Niet meer naar school kunnend, niet meer tennissen om nog maar te spreken van een sociaal leven en het zoeken naar een leuke vriend. Ik voelde me geen tiener meer, kon niet participeren in de Nederlandse maatschappij. Mijn (zomer)baantje opgevend voelde ik me vooral nutteloos destijds. Thuis kon ik ook niets doen en was ik eigenlijk naar mijn gevoel iedereen maar tot last. Want mijn familie was maar druk met me, taxiënd overal naar toe. In de hoop dat de onrustige MS tot een halt geroepen kan worden. Uiteindelijk na heel veel (professionele) hulp, zelf sterker wordend, wetend dat ik gebaad ben bij een warm klimaat en in het bezit van een rijbewijs kwam de oude Quirien weer wat terug. De pit, humor, zorgend en sarcastische opmerkingen waren er weer. Zonder alle hulp had dit nooit gekund. Dus roll with the punches, sta op en ga verder. Want er is altijd een plan b!

Deze website maakt gebruik van cookies om de website en uw ervaring daarmee te verbeteren. Door verder te gaan op de website gaat u akkoord met ons gebruik van cookies. Indien u meer informatie wilt of indien u niet wilt dat er cookies worden geplaatst als u de website gebruikt, klik dan hier: Over cookies.
Niet meer tonen